Een middag met Nachoem M. Wijnberg, laureaat van de P.C. Hooft-prijs.

We hadden afgelopen weekend zo’n onvergetelijke middag met Nachoem M. Wijnberg. Na een prachtige introductie van Josine Overdevest over de P. C. Hooft-prijs (die in mei voor zijn oeuvre aan hem wordt uitgereikt), zwengelde gastheer en dichter Johan Myburg een interessante discussie aan. ‘Eerst Kerst, dan oud en nieuw en dan komt Nachoem,’ grapte Johan. ‘Het is ieder jaar weer iets om naar uit te kijken.’

Nachoem (zijn naam betekent in het Hebreeuws degene die troost komt brengen) is heel productief: hij heeft net de laatste proefdruk herzien van zijn nieuwe werk dat in het voorjaar uitkomt, terwijl zijn laatste bundel nog vers van de pers is: Voor jou, van jou. Nachoem vertelde dat hij altijd naar helderheid en eerlijkheid in zijn gedichten zoekt. Niet dat zijn gedichten daardoor eenvoudig zijn, maar hij wil het niet mooier maken dan het is. De betekenis van een woord is belangrijker dan het lyrische of muzikale of zelfs het visuele aspect van een gedicht op de bladzijde. Aan woorden zelf heeft hij genoeg. Om te controleren of een gedicht klopt (hij maakt soms wel honderd versies), leest hij het vaak in spiegelbeeld terug.

Hij vertelde anekdotes over zijn jeugd, zijn eerste schooljaren in het Montessorisysteem en de grote overgang naar een joods orthodoxe middelbare school. Hij vertelde ook hoe hij eens, na het uitkomen van een dichtbundel, op een school was uitgenodigd om voor te lezen. Hij droeg z’n gedicht zo razendsnel achterelkaar voor, opdat de leerlingen zo snel mogelijk van deze verplichte poëzie-les af waren. Dat dat niet de bedoeling was, kreeg hij later te horen en kon daar nu nog hard om lachen. Ook sprak hij over hoe ongemakkelijk voorlezen in een huiskamer bij ‘Dichter aan Huis’ was geweest. Zo ongemakkelijk dat hij deed of hij voorlas, terwijl hij een voordracht gaf, om zijn gezicht maar achter een (soms zelfs ondersteboven gehouden) boek te kunnen verschuilen.

Nachoem droeg heel toepasselijk die middag een mooi gedicht voor over wijn. Ik had nog veel meer van hem willen horen. Eerlijk en helder zijn woorden die nu steeds door mijn hoofd blijven spelen. En verwondering. Want dat hoort bij eerlijkheid.

 

Uit Voor jou, van jou:

Je wil trouw zijn/ aan wie jou en anderen tijd gaf,/ in het huis/ waar zoveel anderen waren,/ meer dan je ooit bij elkaar zag.// Je hoort dat dat huis er niet meer is,/ maar je gelooft de berichten niet.// Je reist van huis naar huis/ en deelt tijd uit om in herinneringen te zoeken.// Voor die elke dag een halfuur/ en voor die een hele dag om in één keer op te maken.// Maar de straten zijn leeg,/ in de huizen enkel twee of drie oude vrouwen,/ de anderen zijn weggevlucht,/ niet voor jou,/ maar voor al die die voorbijtrekken omdat ze niets meer hebben.// In de winter naar huis lopen,/ als het donker wordt/ en sneeuw begint te vallen.// Sneeuw ligt op je schouders en haar,/ je gezicht glanst.// Leren vallen op sneeuw,/ gevallen en liggen gebleven,/ trouw aan waar trouw aan kan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *